Houten paalfundering

Al in de oudheid gebruikte men houten palen als fundering voor stenen konstrukties als bijvoorbeeld bruggen. Middeleeuwse huizen, kerken, stadswallen, bruggen, kademuren enz., gebouwd op drassige bodem, rusten op in de bodem geheide houten palen. Dat is het geval in talrijke steden die aan rivieren zijn gelegen als bijvoorbeeld Amsterdam, Straatsburg, Keulen en Antwerpen. Venetië staat letterlijk op een woud van honderdduizenden palen. Het Amsterdamse Paleis op de Dam (1665) staat op 13.659 palen, ook het Centraal Station (1889) staat op houten palen. In Amsterdam zijn er palen tot 11 m lang!

Foto´s: rekonstruktie fundering Romeinse brug in Cuijck (ook de Karelsbrug in Praag is op deze wijze gefundeerd); Rotterdamse paalfundering; Amsterdamse paalfundering; paalfundering in Venetië.

Meestal gebruikte men eiken-, elzen- of olmenhout. De gepunte palen werden d.m.v. heitoestellen op een geringe afstand van elkaar in de grond geslagen. Op 10 tot 30 cm onder de grondwaterspiegel zaagde men de kop van de palen af. Steken de paalkoppen uit boven het grondwaterniveau, bijvoorbeeld tengevolge van de daling van het grondwater, dan gaan ze rotten (inwerking van schimmels die alleen kunnen leven als er voldoende zuurstof is; daarnaast komt ook bakteriële aantasting voor). Bovenop de palenstruktuur monteerde men dikwijls een houten raam- of roosterwerk. Al het hout moet altijd in het water zitten! De openingen in het raamwerk werden met stenen gevuld. Op deze manier verkreeg men een min of meer stabiele basis voor de bouw van stenen muren.

In latere tijden konden dergelijke funderingsstrukturen voor ernstige problemen zorgen door de daling van de grondwaterspiegel, meestal ten gevolge van de verlegging van een rivierbedding of van het wegpompen van het grondwater. De stabiliteit van de katedraal van Straatsburg is ooit hierdoor ernstig in gevaar gebracht.

Stabiliteitsproblemen zijn te wijten aan paalrotting, te weinig palen, te korte of te dunne palen, het ontbreken van een draagkrachtige zandlaag onder de waterlaag, (latere) overbelasting. Is alles goed, dan funktioneert de paalfundering ook na honderden jaren nog zeer goed!

De cisterciënzerabdij Plasy ten noorden van Plzeň / Pilsen is gebouwd op 5100 eikenhouten palen in moerasbodem aan de rivier Střela. Op de palen rust een balkenrooster gevuld met steen(gruis) en daarop staan de stenen funderingsmuren. Het klooster, dat in de 15de eeuw was verwoest door de hussieten, werd begin 18de eeuw barok wederopgebouwd (naar ontwerpen van Johann Santin-Aichl). Ook het funderingssysteem werd toen vernieuwd: aanleg van twee waterreservoirs en van diverse kanaaltjes die bronwater leiden naar de bodem waarin de houten funderingsstruktuur zit. Het systeem funktioneert nog steeds, vier maal per dag wordt de bodemwaterstand gekontroleerd!

 

Dat men bovenop de houten palen gelooide runderhuiden legde is een hardnekkige mythe, in leven gehouden door (Vlaamse) stadsgidsen. Het leder zou in de regel immers vergaan, het was daarenboven kostbaar en men had het nodig voor dagelijks gebruik in de vorm van schoeisel, paardentuig, riemen enz.

Pieter Schepens, 2017