Een 19de eeuwse grafsteen in Praag met een uniek Nederlands inschrift

Fondsenwerving – Renovatie van een 19de eeuwse grafsteen in Praag met een uniek Nederlands inschrift

 

olsany-swerts-detail-03
Foto: Praag, Olšany begraafplaatsen, graf III 10/52 van Walter Swerts (eigen foto)

 

Op de grote Olšany begraafplaats in Praag staat op het graf van Walter Swerts (Antwerpen 1855 – Praag 1876) een unieke grafsteen met Nederlands inschrift. Die steen moet worden gerenoveerd en daarvoor doen we een beroep op uw financiële steun.
Walter was de tweede zoon van kunstschilder Jan Swerts. In 1876 bezocht hij als 21-jarige student uit Antwerpen zijn ouders in Praag en overleed er onverwacht. Hij werd begraven op de Olšany begraafplaats (graf III 10/52). Op de grafsteen staat een in Praag (in heel Tsjechië?) uniek Nederlandstalig grafschrift, dat eindigt met “Hy ruste zacht in vreemde aarde”.
Vader Jan Swerts (1820-1879) heeft samen met Godfried Guffens in de periode 1850-1874 in Vlaanderen talrijke muurschilderingen gerealiseerd waaronder in Sint-Niklaas (Mariakerk, 1855-70), Antwerpen (Handelsbeurs, 1855-58, vernield), Antwerpen (Sint-Joriskerk, 1859-70), Ieper (Lakenhalle, Schepenzaal, 1861-69, vernield) en Kortrijk (Stadhuis, Schepenzaal, 1873-75). Swerts en Guffens waren gevierde schilders, ook in Nederland, en de belang¬rijkste vertegenwoordigers van de Nazareners in België. Van 1874 tot aan zijn dood was Jan Swerts direkteur van de Praagse Kunstakademie (Akademie výtvarných umění of kortweg AVU). Leerlingen van hem waren o.a. Jakub Schikaneder, Mikoláš Aleš, Felix Jenewein, Vojtěch Bartoněk, František Ženíšek en Bohumír Roubalík. Jan Swerts ontwierp de fresko´s en het glasraam in de Sint-Annakapel van de Praagse Sint-Vituskathedraal. Het werd zijn laatste grote monumentale werk. Tijdens het schilderen van die fresko´s eind 1878 werd hij zwaar ziek (vermoedelijk een longontsteking). Jan Swerts hoopte in Marienbad (Mariánské Lázně) te genezen, maar hij overleed er op 58-jarige leeftijd op 11 augustus 1879.

 

De grafsteen

Breedte 85 cm, hoogte 61 cm, dikte 6,5 cm. De granieten grafsteen is van zeer hoge kwaliteit. Het inschrift is na 139 jaar nog steeds goed leesbaar.
† / hier ligt begraven / WALTER SWERTS / geboren in Antwerpen / den 14 januari 1855 / gestorven gedurend een bezoek / aan zyne ouders in praag / den 21 september 1876. / hy ruste zacht in vreemde aarde.

 

Renovatie van de grafsteen

De grafsteen vertoont sporen van erosie. Hij moet worden gereinigd, gerenoveerd (bijwerken en vernieuwen van aangetaste delen, dichten van gaten, duurzame behandeling van de steen), rechtgezet en verankerd. Hiervoor is geld nodig en De Lantaarn doet een beroep op u om een financiële bijdrage te leveren. Met rapportering, fotodokumentatie, port- en bankkosten kost de renovatie 54.385 CZK of 2090 EUR.

 

U kunt uw bijdrage storten op een van deze bankrekeningen:

– in Tsjechië (CZK): Eva Giese: 184052840/0300 (ČSOB)
– in Vlaanderen (EUR): Bart Van Bambost: BE91 4480 7516 3176
– in Nederland (EUR): Sjoukje Robben – van Gils: NL14 ABNA 0585 1281 70
Vermeld bij betaling: SWERTS, uw naam, uw volledig adres en uw e-mailadres. We houden u dan verder op de hoogte van de renovatie. Uw naam zal worden vermeld op onze Facebookpagina tenzij u anders wilt.
Meer over Jan Swerts:
  • SCHEPENS, Piet, Hij ruste zacht in vreemde aarde. De Antwerpse schilder Jan Swerts in Praag, in NE-BE. Vereniging voor Nederlandse en Vlaamse cultuur, jaarboek 2013, p. 13-18.
  • SCHEPENS, Piet, Budiž mu cizí země lehká. Antverpský malíř Jan Swerts v Praze, v NE-BE. Společnost pro nizozemskou a vlámskou kulturu, ročenka 2013, s. 8-12.
  • THIJM, Alberdinck J.A., De muurschilderingen van G. Guffens en J. Swerts besproken ter gelegenheid der tentoonstelling hunner kartons in de Kon. Akademie van Beeldende Kunsten te Amsterdam, Amsterdam, 1861.
Meer informatie? Stuur ons een mailtje: delantaarn.cz@gmail.com
Bestuursleden:
Eva Giese, Sylva Alderliestenová, Markéta Kluková, Sjoukje Robben – van Gils, Joris Van Avermaet, Bart Van Bambost, Piet Schepens

De Mucha meisjes

Op het Burchtstadplein / Hradčanské náměstí in Praag staat op nummer 65/6 een huis, dat eind 14de eeuw werd gebouwd als residentie voor kapittelheren van de kathedraal. Het huis heeft nu een 18de eeuws barok uitzicht.

Kapittelhuis, Burchtstadplein 65/6, Praag. Foto: Wikipedia
Kapittelhuis, Burchtstadplein 65/6, Praag. Foto: Wikipedia

In het kommunistische Tsjechoslovakije huldigde de overheid het principe dat wat van u is, nu van ons is en het kapittelhuis werd in beslag genomen. Het werd na de val van het totalitaire regime (1989) aan de kerk gerestitueerd.

Jiří Mucha

Jiří Mucha (1915-1991), journalist, schrijver, scenarioschrijver, vertaler en vooral zoon van de beroemde “meester van het ornament”, de illustrator Alfons Mucha (1860-1939), huurde in 1950 in het kapittelhuis de woning op de eerste verdieping aan de straatzijde. Hij ging er wonen met zijn moeder Marie en zijn (tweede) vrouw Geraldine Thomsen (1917-2012). Ook de inboedel van atelier en woning van Alfons Mucha werd naar de Burchtstad verhuisd: lithografieën, affiches, schilderijen, tekeningen enz., voorts antiek meubilair, talrijke boeken, aardewerk, porselein, poederdoosjes, spiegels en sofa´s die later voor zekere aktiviteiten bijzonder bruikbaar waren. De nostalgische neo-fin de siècle inrichting was van Marie en werd na haar dood in 1959 door Jiří en Geraldine, later door zoon John, zorgvuldig gekoesterd en door mythen omgeven.

Kapittelhuis, Huurwoning van de familie Mucha, interieur. Foto: Lidové noviny
Kapittelhuis, Huurwoning van de familie Mucha, interieur. Foto: Lidové noviny

Jiří Mucha was hoffelijk, vriendelijk, humoristisch, intelligent, maar ook een onvermoeibare verleider met een grote belangstelling voor jonge vrouwen, zelfs tienermeisjes. Vrouwen vielen hem meestal vanzelf in de armen. Hij had talrijke buitenechtelijke relaties met medeweten van zijn vrouw, maar in 1966 verlieten Geraldine en zoon John (geboren in 1948) hem en gingen in Engeland wonen. Jiří´s minnares Marta Kadlečíková (1935-1996), schrijfster en scenariste, trok toen bij hem in en vele jaren leefden ze samen in de woning in de Burchtstad.

De “normalisatie” van de jaren zeventig en tachtig

De jaren na de mislukte Praagse Lente van 1968 waren jaren van repressie, verboden en geboden, censuur en onderdrukking van vrij initiatief, kreativiteit en vrije meningsuiting. Onafhankelijke organisaties en verenigingen werden ontmanteld. Prachtige oude buurten en dorpscentra werden toen afgebroken en vervangen door oerlelijke betonnen blokken voor het efficiënt, lees gekontroleerd onder dak brengen van de massa.

De televisie had niets te bieden, het filmaanbod was miserabel enz. Alleen het theaterleven kende een zekere bloei. Men wou weg uit de verveling en de grijsheid van het bestaan. Dat leidde o.a. tot de wildgroei rond de steden van buitenhuisjes waar men tijdens weekends boven een kampvuur kilo´s worst braadde, liters bier dronk en op nuchtere momenten groente en fruit probeerde te kweken.

Niet alleen de jeugd volgde met grote belangstelling de toenmalige westerse popkultuur. Mijlpalen daarvan waren de film The Graduate (1967) met prachtige liedjes van Simon & Garfunkel, de Musical Hair op Broadway (1968) met naaktoptredens en natuurlijk het popfestival Woodstock in de zomer van 1969, dat een hoogtepunt vormde van de hippiebeweging met haar idealen van wereldverbetering, vrijheid en seksuele bevrijding.

In Tsjechoslovakije ging men om de tijd te verdrijven van het ene feestje naar het andere op zoek naar alkohol en seks. Ook Václav Havel deed daaraan mee in de eerste helft van de jaren zeventig, maar hij was spoedig teleurgesteld en hij trok zich terug in zijn buitenhuis in Oost-Bohemen. Hij schreef in 1975 een lange open brief aan de sekretaris-generaal van de KP Gustáv Husák waarin hij protesteerde tegen de benarde situatie van de Tsjechoslovaakse maatschappij. Voor de angst, apathie, egoïsme, huichelarij en onderdanigheid van de bevolking stelde hij het kommunistisch regime verantwoordelijk.

Erotische avonden in de Burchtstad

Mucha´s woning tegenover de Praagse Burcht werd vanaf eind jaren zestig een soort salon waar in het beste geval intellektuelen, kunstenaars, mensen uit de filmwereld en mooie vrouwen te gast waren. Ook Václav Havel was er een paar keer. Meestal waren het echter erotische avonden en nachten die niets te maken hadden met intellektuele beleving noch met schoonheidservaring. Hier werden tienermeisjes misbruikt door oudere mannen.
De met seks geladen avonden werden georganiseerd en geleid door Marta. Zij bepaalde wie mocht komen en wie eruit moest worden gegooid. Drie vrienden van Jiří Mucha waren vaste gasten: de film- en liedjeskomponist, muzikant en playboy Petr Hapka, de kunstenaar Vratislav Hlavatý en de popmuzikant Miroslav Berka. Dit drietal vormde samen met Mucha, Marta en de meisjes een grote familie waar dronkenschap, seks, intriges en ruzies nomaal waren.

Jiří Mucha op de sofa met meisjes. Foto: Antonín Nový
Jiří Mucha op de sofa met meisjes. Foto: Antonín Nový

Tot midden jaren 80 zijn er zowat vijftien meisjes over de vloer geweest. De meesten waren van het platteland, zeer vrijgevochten en kwamen bij Jiří Mucha in een wel heel aparte, voor hen aantrekkelijke wereld terecht. Sommigen waren slechts zestien jaar oud. De meisjes hielden van Marta, die hen kleedde of beter ontkleedde. De hele dag (en nacht) liepen de meisjes (half)naakt rond in de woning.

Viktorka, Eva (dochter van I. Ionesco), Venuše, Slavinka, Dašenka en Zuzanka. Foto: Antonín Nový
Viktorka, Eva (dochter van I. Ionesco), Venuše, Slavinka, Dašenka en Zuzanka. Foto: Antonín Nový

Van die meisjes zijn vele foto´s bewaard. Venuše was een mulat, haar moeder was een Nederlandse uit Togo en haar vader een Tsjechische cirkusdierenmenner. Zij was twintig jaar jonger dan Vratislav Hlavatý bij wie ze op vijftienjarige leeftijd introk en met wie ze zeven jaar samenleefde. Venuše vertelde in 2016 in een interview hoe ze aanvankelijk gelukkig was ten huize Mucha, maar dat ze Jiří´s ware aard leerde kennen toen hij haar in het geheim toonde hoe Vratislav haar ontrouw was. Niet dat dat haar veel kon schelen, maar ze was teleurgesteld in Mucha. Een van de meisjes was Maruška Korbelářová, misschien wel het enige meisje dat Mucha liet zitten, ze verliet hem. En dan was er tenslotte Veronika, genoemd Benny. Zij wist Mucha echt om de vinger te winden. Hij was toen bijna zeventig jaar oud, zij negentien en die relatie duurde tot de dood van Jiří Mucha op 76-jarige leeftijd.

In 1975 was er ook de fotografe Irena Ionesco (Parijs 1930) met haar elfjarige dochter Eva (1965), die van haar elfde tot dertiende levensjaar door de eigen moeder werd misbruikt voor fotosessies als jong naaktmodel in erotische houdingen en situaties.

De gebeurtenissen in de Burchtstadwoning inspireerden schrijvers als Arthur Miller voor het toneelstuk The Archbishop´s Ceiling (1977) en Philip Roth voor de roman The Prague Orgy (1985).

Na de dood van Jiří in 1991 – het kommunistisch regime was ondertussen gevallen – keerde Geraldine terug naar Praag en ging in het kapittelhuis wonen. Samen met haar zoon John stichtte ze de Mucha Foundation, die al wat met Alfons Mucha te maken heeft op grove wijze kommercialiseert. Het gaat om big business. De stichting beheert ook het zogenaamde Mucha Museum in Praag, niets meer dan een winkel waar posters, prentkaarten en prullaria worden verkocht.

© Pieter Schepens (2016)